1. Ritsen op alle lijsten
ZIJkant roept op om bij de lijstvormingen in Vlaanderen – zoals dit al in Brussel en Wallonië beslist is – het ritssysteem toe te passen voor de volledige lijst zodat er niet alleen evenveel vrouwen als mannen op de kieslijsten staan, maar ze ook gelijk verdeeld zijn over de plaatsen.
2. Quota voor de lijsttrekkers
Quota zouden niet alleen moeten gelden voor de samenstelling van de lijsten, maar ook voor de verdeling van de lijsttrekkers. Heel wat partijen schuiven nog steeds hun mannelijke stemmenkanonnen naar voren. Daardoor krijgen vrouwen geen eerlijke kans om zich te tonen aan de kiezer en een kopstuk te worden, en blijft politiek een mannenbastion. ZIJkant vindt dat elke partij ervoor moet zorgen dat minstens de helft van alle lijsttrekkers een vrouw is. Tijdens de campagne moeten de middelen gelijkwaardig ingezet worden voor de vrouwen en de mannen op de lijst.
3. Quota voor de uitvoerende mandaten
Tot slot pleit ZIJkant ook voor een eenvoudige, maar des te sterkere maatregel: na de verkiezingen moeten ook de postjes eerlijk verdeeld worden. Minstens de helft van de leden in de uitvoerende bestuursorganen moet een vrouw zijn. Gedaan dus met uitsluitend mannelijke kernkabinetten en vrouwelijke excuustruzen in regeringen en schepencolleges.
4. Aanpak grensoverschrijdend gedrag
ZIJkant pleit voor een kordate aanpak van online en offline seksueel grensoverschrijdend gedrag. Zowel politieke partijen zelf, als pers en burgers hebben hier een rol te spelen.
Bewustmakingscampagnes rond (seksueel) grensoverschrijdend gedrag, het structureler verankeren van relationele en seksuele vorming op school en het integreren van omstaandertrainingen in bedrijven, hogescholen en aan universiteiten kunnen de bredere bevolking sensibiliseren rond de schadelijke effecten van seksistische en racistische uithalen.
Politieke partijen en publieke diensten die verkiezingen organiseren kunnen eveneens werk maken van de opleiding en training van hun personeel rond het herkennen van grensoverschrijdend gedrag en het aanreiken van omstaandertechnieken.
Naast het inzetten op preventie moeten zij uiteraard ook kordaat optreden wanneer er binnen hun eigen organen grensoverschrijdend gedrag plaatsvindt: (externe) vertrouwenspersonen en meldpunten moeten breed bekendgemaakt worden bij medewerkers en duidelijke richtlijnen en actieplannen garanderen een veilige werkomgeving voor politica’s, parlementairen en partijmedewerkers. Het spreekt voor zich dat een divers personeelsbestand ook bijdraagt aan een inclusieve werksfeer.
Ook de media leveren een belangrijke bijdrage aan de preventie van grensoverschrijdend gedrag. Al te vaak worden schadelijke stereotypes (al dan niet bewust) overgenomen door journalisten en commentatoren. Correcte en genderbewuste berichtgeving is belangrijk, net als de moderatie van reacties online. Ook hier is opleiding en coaching van journalisten belangrijk.
Tot slot zijn er ook juridische tools voorhanden: de genderwet en de seksismewet stellen paal en perk aan seksistische en discriminerende praktijken. Toch worden seksistische (en transfobe) haatspraak in schriftelijke vorm zo goed als nooit vervolgd, zelfs wanneer ze strafbaar is. Dit wordt beschouwd als een drukpersmisdrijf, en kan dus enkel door het Hof van Assisen beoordeeld worden, wat in de praktijk zelden gebeurt omwille van de praktische last van een assisenproces.
ZIJkant volgt daarom de aanbeveling van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen om artikel 150 van de Grondwet te wijzigen zodat drukmisdrijven ingegeven door seksisme en transfobie onder de bevoegdheid worden geplaatst van de correctionele rechtbank, zoals sinds 1999 als voor racistische schriftelijke haatspraak het geval is.
Suffragette poster, 1909