


Vrouwen lopen geen gelijke wedstrijd
Mannen leggen niet de link tussen een meer evenwichtige verdeling van de zorgtaken en een gelijkere verloning tussen vrouwen en mannen. Ook vrouwen koppelen een gelijke taakverdeling thuis niet spontaan aan meer kansen op de arbeidsmarkt of een hoger loon. Dat blijkt uit nieuw onderzoek dat ZIJkant naar aanleiding van haar achttiende Equal Pay Day liet uitvoeren door marktonderzoeksbureau Ipsos.
Nochtans is de loonkloof v/m wel degelijk voor een groot deel terug te brengen tot een traditioneel rollenpatroon in het huishouden. Zeker zodra er kinderen komen, lijkt het alsof vrouwen voor de rest van hun leven vasthangen aan een navelstreng. En die kan behoorlijk in de weg zitten, toont de originele campagnefilm van mortierbrigade en Czar. Voor Equal Pay Day roept ZIJkant vaders dan ook op om de taken eerlijk te verdelen, en pleit de organisatie om het geboorteverlof gelijk te trekken met de moederschapsrust.
Om mannen aan den lijve te laten ondervinden hoe de zorg voor kinderen de loopbaan van vrouwen bemoeilijkt, organiseert ZIJkant op 24 maart, Equal Pay Day zelf, een Big Baby Race op het Brusselse Albertinaplein.
Vrouwen verdienen op jaarbasis nog steeds 23% minder dan mannen, waardoor ze 83 dagen langer moeten werken om aan hetzelfde loon te komen. Daarom valt Equal Pay Day, de dag voor gelijk loon v/m, dit jaar op 24 maart 2022. Aan dit tempo moeten we nog 58 jaar wachten op gelijk loon.
Goed begonnen
Eerst het positieve nieuws: de loonongelijkheid verkleint wel degelijk. Bij alleenstaanden zonder kinderen is de loonkloof op basis van uurlonen zelfs negatief (-7%), in het voordeel van vrouwen.[1] Keerpunt is de leeftijd tussen dertig en veertig jaar: vanaf dit moment stijgt het loonverschil steil, om te eindigen in een pensioenravijn van 33%. Niet geheel toevallig ontstaat de loonkloof op het moment dat mensen kinderen krijgen.
Cijfers van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen tonen aan dat vrouwen en mannen zonder kinderen per uur ongeveer evenveel verdienen. Maar met elk extra gezinslid vergroot de loonkloof, van 1,5% (geen kinderen) naar 4,8% (1 kind) tot 5,7% en 6,3% bij respectievelijk 2 en minstens 3 kinderen.[2] Moeders zien hun inkomsten vooral dalen omdat zij hun betaalde arbeid terugschroeven. Volgens Europese cijfers stijgt het aandeel deeltijds werkende vrouwen naarmate het aantal kinderen toeneemt. In België werkt bijna de helft van de vrouwen deeltijds (42,5%), waarmee ons land op de zesde plaats staan van de EU-ranglijst inzake deeltijds werkende vrouwen.[3] Opvallend: mannen gaan net minder deeltijds werken als hun gezin uitbreidt. In België werkt slechts 11,8% van de mannen deeltijds.
Nieuw onderzoek: mannen over taakverdeling (en wat vrouwen daarvan denken)
Dat de taakverdelingen thuis onevenwichtig verdeeld zijn, wisten we al uit eerdere onderzoeken. We stelden ons de vraag wat er nodig is voor vaders om meer te zorgen. In opdracht van ZIJkant voerde marktonderzoeksbureau Ipsos daarom een kwalitatief onderzoek over het huishouden bij 24 samenwonende/gehuwde vaders met jonge kinderen. Enkele bevindingen werden nadien getoetst aan een kwantitatief onderzoek over heel België, bij 975 samenwonenden/gehuwden met iemand van het andere geslacht, van 18 jaar tot 55+. Vrouwen maakten hier de helft van de deelnemers uit. Drie resultaten vielen ons op.
- ‘Evenwichtige’ taakverdeling (aldus de mannen)
Wanneer het over hun eigen gezin gaat, leeft bij de bevraagde vaders doorgaans het gevoel dat er zich een dynamisch evenwicht in het huishouden heeft geïnstalleerd. Ze erkennen dat de komst van kinderen een drastische impact had op het takenpakket en de taakverdeling, maar de meesten zijn van mening dat de man zijn steentje evenwichtig bijdraagt.
Wat denken de vrouwen hierover:
Het kwantitatief onderzoek toont een genuanceerder beeld: meer dan de helft van de vrouwen (62%) vindt dat zij (iets) meer doen dan hun partner in het huishouden. In de leeftijdsgroep 35-54 jaar loopt dit op tot 67%, niet toevallig komt dit overeen met de levensfase waarin veel mensen (kleine) kinderen hebben. Daarnaast geeft 47% van de mannen aan dat ze de taken ongeveer gelijk verdelen. Maar hiermee is slechts 31% van de vrouwen akkoord.
- Deeltijds werk als pasmunt voor een leefbaar huishouden
Tijd blijkt uit het onderzoek een zeer bepalende factor in de taakverdeling bij de bevraagde mannen: wie tijd heeft, doet meer taken. Het wordt dan ook als logisch ervaren dat een deeltijds werkende partner meer doet in het huishouden dan een voltijds werkende partner. Het deeltijds werk wordt zo gezien als een compromis om het huishouden leefbaar te houden, wat mogelijk de (eenzijdige) perceptie van een ‘evenwicht’ verklaart.
Gevraagd naar een ideale taakverdeling, staan de bevraagde mannen in het kwalitatieve onderzoek dan ook vooral open voor oplossingen die meer tijd geven. Ze zouden het fijn vinden als de overheid externe hulp en flexibel werken promoot, zoals flexibeler ouderschapsverlof, een eindejaarspremie in verlofdagen, de vierdagenwerkweek met behoud van loon of fiscaal interessantere huishoudcheques. Van de werkgever verwachten ze vooral flexibiliteit en vertrouwen. Opvallend: wat men de partner (en zichzelf) gunt is meer me-time, meer rust en meer quality time samen. De vrijgekomen tijd wordt niet gezien als een kans voor de partner om zich meer toe te leggen op haar werk.
- Mannen zien geen link tussen zorgarbeid en de loonkloof
De link tussen minder arbeidstijd en meer zorgtijd wordt dus wel gelegd, maar vreemd genoeg denken vaders, gevraagd naar de gevolgen van een ongelijke taakverdeling thuis, niet spontaan aan de professionele impact voor de partner. Zij beseffen met andere woorden wel dat tijd besteed aan huishouden en zorgtaken ten koste gaat van werktijd maar kijken niet naar de gevolgen daarvan op de arbeidsmarkt, zoals het feit dat vrouwen minder verdienen of minder kans maken op promoties.
Het kwantitatief onderzoek bevestigt deze redenering: slechts 3% van de mannen verwijst naar verhoogde carrièrekansen of een beter/hoger loon voor de partner als mogelijk positief gevolg van een evenwichtige taakverdeling.
Wat denken de vrouwen hierover?
Kortweg: hetzelfde. 5% van de vrouwen verwijst in het kwantitatieve onderzoek naar het verhogen van de eigen loopbaanmogelijkheden als mogelijk positief gevolg en amper 2% (!) denkt aan een hoger loon. Hierbij worden geen verschillen vastgesteld naargelang leeftijd: ook jonge vrouwen maken dus niet de link tussen een evenwichtigere taakverdeling thuis en meer loopbaankansen voor zichzelf.
Deze resultaten zijn opvallend, aangezien cijfers aantonen dat het aandeel deeltijds werk bij vrouwen wel degelijk een zeer grote impact heeft op de loonkloof v/m in België: na correctie voor arbeidsduur daalt de loonkloof bijna met twee derde: van 23% naar 9%. Ook de pensioenkloof is in belangrijke mate toe te schrijven aan het grote aandeel deeltijds werk bij vrouwen gedurende hun loopbaan.
De resultaten van het Ipsos-onderzoek werden door ZIJkant aangevuld met diepte-interviews bij 17 vaders en 3 moeders met jonge kinderen. Ontdek wat zij vinden van de taakverdeling en welke oplossingen zij voorstellen in het luik ‘Vaders weten waarom’ op www.equalpayday.be
Het mag duidelijk zijn dat het krijgen van kinderen vrouwen nog steeds benadeelt op de arbeidsmarkt, aangezien de zorgtaken vooral bij hen terechtkomen. De combinatie werk-gezin blijkt moeilijk, en moeders betalen hiervoor de hoogste prijs. Het lijkt alsof die navelstreng nooit wordt doorgeknipt.
Campagnefilm: vrouwen lopen geen gelijke wedstrijd
Vrouwen lopen geen gelijke wedstrijd op de arbeidsmarkt, doordat ze vaker gebonden zijn aan kinderen. Met dat idee gingen communicatiebureau mortierbrigade en productiehuis Czar aan de slag voor de achttiende Equal Pay Day-campagne van ZIJkant. In de campagnefilm getuigen voormalige vrouwelijke sporters over hoe hun carrière veranderde door het moederschap. Ze doen hun uiterste best om te blijven presteren, maar evident is dat niet, met zo’n navelstreng.
Gelukkig blijken deze sportvrouwen volleerde multitaskers. Zo ruilde de wereldkampioene hamerslingeren de hamer dan maar voor haar (eigen) zoon, die ze aan zijn navelstreng door de lucht zwiert. De polsstokspringster bedacht een katrolsysteem waardoor haar zoon de navelstreng kan op- en afrollen. De synchroonzwemmers hebben dan weer meer werk om niet in de knoop te geraken.
De achterliggende boodschap is: mannen, stop dit gekkenwerk en neem jullie verantwoordelijkheden op. Want laten we wel wezen: de zorg voor kinderen kan door beide partners gebeuren.
De statistieken zijn duidelijk: bijna een halve eeuw nadat het traditionele kostwinnersmodel op de schop ging, blijft de ongelijke verdeling van zorgtaken een hardnekkig probleem. Nog steeds draaien vooral vrouwen op voor het huishouden en de zorg voor de kinderen, en wordt het succes van mannen afgemeten aan hun carrière. Dat blijkt ook uit de loon- en loopbaankloof tussen vrouwen en mannen, die
slechts met mondjesmaat afneemt.
Cijfers zeggen veel, maar we weten nog niet precies waaróm vaders niet evenveel zorg opnemen als moeders. We hebben nochtans het gevoel dat veel vaders – en zeker de jongere generaties – betrokken willen zijn bij de opvoeding van hun kinderen. Waar liggen de obstakels? Wat hebben mannen nodig om dit wel te doen? Dat was het voorwerp van twee onderzoeken van ZIJkant.
Het eerste onderzoek, uitbesteed aan onderzoeksbureau Ipsos, tracht te achterhalen wat vaders tegenhoudt om meer te zorgen en wat hen hierbij kan helpen. Tegelijk werd ook gepeild naar de mogelijke positieve gevolgen van een evenwichtige taakverdeling. Het onderzoek werd uitgesplitst in een kwalitatief en kwantitatief luik. Daarnaast peilde ZIJkant via diepte-interviews met vaders naar wat zij nodig hebben om te kunnen kiezen voor een actief en betrokken ouderschap.
Het volledige onderzoek van Ipsos, de diepte-interviews van ZIJkant, good practices uit het buitenland én onze beleidsaanbevelingen vind je in de publicatie VADERS_WETEN_WAAROM.
Radiospot
Op Equal Pay Day hoor je op de radio hoe een vrouw afziet bij het dragen, baren en borstvoeden… om dan uiteindelijk minder te verdienen dan een man.
De spot komt op Radio 1 (blok van 08:58 en 12:58), Radio 2 (blok van 06:58) en Nostalgie, Bel RTL, Radio Contact en NRJ Vlaanderen.
Beluister de spots hier.
Call to action: Rad van Fornuis
Hoe zit het met de taakverdeling bij jou thuis? Wie maakt de lijstjes, denkt aan het eten en staat aan de schoolpoort? Draai aan de digitale versie van ons Rad van Fornuis en vergelijk je score.
Samen uit, samen thuis
Zowel uit het Ipsos-onderzoek als uit de eigen diepte-interviews blijkt dat vaders zelf vragende partij zijn voor een uitbreiding én een verplichting van het geboorteverlof. ZIJkant pleit daarom voor het gelijktrekken van het geboorteverlof met de moederschapsrust, zodat vaders recht hebben op vijftien weken verlof, waarvan tien weken verplicht dienen opgenomen te worden. Hierdoor staan vrouwen en mannen niet alleen op gelijke voet thuis, maar ook op het werk. Het werd meermaals bewezen reeds dat werkgevers meer geneigd zijn om bij een aanwerving of promotie voor een man te kiezen, uit angst voor uitval door moederschap. Een vergoeding aan 100% van het loon tijdens het hele verlof neemt de financiële drempel weg.
Een échte verkorte werkweek
Daarnaast blijft ZIJkant ijveren voor het invoeren van een collectieve arbeidsduurvermindering. Het grote aandeel deeltijds werk bij vrouwen wijst op een combinatieprobleem. Een dertigurenweek geeft zowel vrouwen als mannen de kans om een carrière uit te bouwen én tijd te maken voor zorgtaken.
Prijzen
Umbilical cord, het Equal Pay Day filmpje van 2022 haalde op de Creative Belgium Awards maar liefst drie beeldjes binnen. Communicatiebureau Mortierbrigade schopte het bovendien – en al voor de tweede keer – tot Agency of the Year.
n het Grand Casino van Knokke haalde de clip zilver in de categories ‘Film & cinema’ en ‘casting & performance’. De bronzen award werd uitgereikt voor het gebruik van de muziek.
Mortierbrigade deed het bovendien bijzonder goed op deze Creative Belgium Awards, de hoogmis voor creatief talent in ons land. Naast de Equal Pay Day-video belandden ze ook voor ander werk in de prijzen én werd het communicatiebureau voor de tweede keer verkozen tot Agency of the Year.
Mortierbrigade en Czar ontwikkelden een clip met echte sportvrouwen. Als volleerde actrices vertellen ze hoe trachten te presteren ondanks die navelstreng. ‘Give mother a fair chance to compete’ is de veelzeggende boodschap.
De campagnevideo voor Equal Pay Day 2022 won ook twee maal zilver op het Eurobest Festival.
Deze campagne kwam tot stand met de steun van Gelijke Kansen Vlaanderen.
[1] IGVM, Loonkloofrapport 2021.
[2] IGVM, Loonkloofrapport 2021.
[3] Employment – Part-time employment rate – OECD Data
NEEN, DE LOONKLOOF IS NOG LANG NIET GEDICHT
For once and for all : het dichten van de loonkloof is nog lang niet in zicht. Naar aanleiding van alle mediaberichten deze week, stelt ZIJkant de discussie opnieuw op scherp.
Volgens de pas verschenen cijfers van het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen bedraagt het gemiddelde brutomaandloon van vrouwen nog steeds 22% minder dan dat van mannen in 2020.
Waarom deed eerder deze week dan het nieuws de ronde dat de loonkloof gedicht is? Gegoochel met statistieken, zo blijkt. Tijd om de 0,4% loonkloof waar VRT dinsdag mee uitpakte te nuanceren.
Deeltijds werk niet meegeteld
De VRT had het over een loonkloof tussen vrouwen en mannen van 0,4%, maar dit cijfer van Statbel (2020) betreft enkel voltijdse brutolonen. Als voltijds en deeltijds werkenden samen worden geteld, spreekt Statbel van een loonkloof v/m van 16% (gemiddelde brutomaandlonen).
Dat is belangrijk, aangezien massaal veel vrouwen (42%) in België deeltijds werkt, tegenover slechts 12% van de mannen. Door enkel over voltijdse uurlonen te spreken, vergeet je dus de quasi de helft van de vrouwen mee te tellen.
Zorg, onderwijs en socio-culturele sector
Volgens Statbel bedraagt de loonkloof dus 16% als deeltijds werkenden wél worden meegeteld. Toch blijft er een groot verschil met de 22% van het Instituut (en ZIJkant). Hoe komt dit?
De cijfers van StatBel houden geen rekening met:
- privébedrijven met minder dan 10 werknemers
- werknemers uit de overheidssector, gezondheidszorg, het onderwijs of het socio-cultureel werk
Juist in deze sectoren zijn vrouwen oververtegenwoordigd. Zeker in de zorg zijn de lonen bovendien laag en deeltijdse contracten de norm (denk maar aan de kinderopvang). Deze sectoren niet meetellen, vervormt de realiteit dus grondig.
Juist om een volledig beeld te krijgen van de arbeidsmarkt combineert het Instituut voor Gelijkheid van Vrouwen en Mannen de cijfers van Statbel met die van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) waardoor het effect van deeltijds werk (42% mannen en 12% mannen) en de lonen uit de openbare diensten, het onderwijs, de gezondheidssector en de socio-culturele sector wél mee opgenomen worden in de loonkloof.
Waalse mythe
Aan de hand van de cijfers van Statbel berichtte Het Nieuwsblad dat Waalse vrouwen gemiddeld – “zelfs” – meer verdienen dan mannen. Die negatieve loonkloof van – 0,6 procent is volgens berekeningen van het IGVM slechts representatief voor 13% van de Waalse vrouwen, aangezien dat slechts het aandeel is dat binnen de industrie en marktdiensten werkt in een onderneming met minstens 10 werknemers.
Tijdelijke werkloosheid
Het valt niet te ontkennen dat de loonkloof wel een heel klein beetje (1%) is gedicht (22% tov 23%). Maar dat is geen goed nieuws. De cijfers gaan immers over coronajaar 2020. De pandemie heeft heel wat vrouwen uit de statistieken geduwd.
Hoewel iedereen geconfronteerd werd met de pandemie, was het snel duidelijk dat de effecten ervan ongelijk verdeeld waren. Kortgeschoolden konden vaker niet thuiswerken, tijdelijke contracten werden niet verlengd, wie werkloos was, bleef dat ook in die periode. Jobverlies en tijdelijke werkloosheid werden buiten proportie meer gedragen door arbeiders en arbeidsters. De afwezigheid op de arbeidsmarkt van arbeidsters, vaak met erg lage lonen, zorgde ervoor dat zij niet werden opgenomen in de berekening van het gemiddelde loon van vrouwen. Gevolg: een gemiddeld hoger loon voor vrouwen in 2020 en een kleinere loonkloof.
Binnen deze categorie tekent zich ook nog een grote genderkloof af: vrouwen staan vaak kwetsbaarder dan mannen. Hun lonen liggen doorgaans een stuk lager dan die van kortgeschoolde mannen. Bovendien werkt 71% van de arbeidsters deeltijds tegenover 15% van de arbeiders. De gemiddeld al heel lage uurlonen van arbeidsters leveren op het eind van de maand dus weinig op. Zo raakte de coronacrisis vooral de dienstensectoren en de detailhandel, waar 58% van de werknemers vrouwen zijn.
Moeder aan de haard
Volgens cijfers van de Nationale Bank zijn het nog ten slotte in grote mate vrouwen die hun werkduur verminderden in 2020 of een loopbaanonderbreking namen om voor de kinderen te zorgen. Dat geldt voor 51% van hen, tegenover 7% van de mannen.
En de RVA berekende dat 71% van de aanvragen van coronaouderschapsverlof in 2020 werd ingediend door vrouwen.
De overblijvende groep voltijds werkende vrouwen bestaat daardoor vooral uit relatief hooggeschoolde werknemers, die hun tijd zelf konden indelen en het zorgen voor de kinderen kon combineren met telewerk.
BESLUIT: de loonkloof is nog lang niet gedicht.
- De in de media verschenen cijfers van Statbel gaan over voltijds werkenden en ze houden geen rekening met de sectoren waarin vooral vrouwen werken. Daarom houdt ZIJkant rekening met de meer volledige statistieken van het IGVM.
- De enige kleine positieve evolutie in de loonkloof is bovendien vooral te wijten aan het feit dat veel vrouwen in coronajaar 2020 verdwenen uit de arbeidsmarkt door jobverlies, tijdelijke werkloosheid of systemen van tijdelijke arbeidsduurvermindering.



